Verzameling TIN

 
 
Tin is een metaal dat al meer dan 5000 jaar gekend is. Onze voorouders hadden ervaren dat door het samenvoegen van tin en koper men een hard materiaal bekwam dat uitstekend geschikt was voor het vervaardigen van wapens en allerlei gereedschappen. Dit materiaal is het door iedereen gekende brons, een legering waarvan de naam vereeuwigd is in de "bronstijd” (in onze streken van  3000 v.C tot 800 v.C).
 
Tin ga je in de natuur nooit als zuiver metaal terugvinden maar altijd als mineraal. Het voornaamste tinhoudend mineraal is cassiteriet. Het tinerts is terug te vinden in granietachtig gesteente of in alluviale vorm. Het metaal wordt bereid door het erts met cokes te verhitten en na de verwijdering van alle onzuiverheden in blokken of staven te gieten.  Dit zuiver eindproduct (99,9% tin) werd dikwijls voorzien van een herkomstmerk.  Het  zuivere zilvergrijze tin heeft als scheikundig symbool  "Sn” (Stannum) en heeft een vrij laag smeltpunt: 232°C (ter vergelijking het smeltpunt van koper : 1083° C). 
 
Onze voorouders hadden al snel door dat het metaal smaakloos, reukloos en niet giftig was. Dat maakte het  uitstekend geschikt om er allerlei gebruiksvoorwerpen van te maken.  Vanaf de middeleeuwen tot in de 18de eeuw is tin de grondstof bij uitstek voor het vervaardigen van alle drink, eten en tafelgerei. 
 
Zolang de ambachten bestonden kon je slechts tinnegieter worden als je aan welbepaalde voorwaarden voldeed. Tinnegieter kon je slechts worden na in de leer geweest te zijn bij een meester tinnegieter.
 
kledij van tinnegieter  Kledij van een tinnegieter.
Prent uit Parijs
Modegravuur gemaakt door
Nicolaas II de Larmessin
1695
 
Het verdwijnen van de Gilden is niet de teloorgang van het ambacht geweest. De neerwaartse trend was al een honderdtal jaren bezig. In de loop van de 18 de eeuw wordt het gebruik van tin langzaam maar zeker  verdrongen door nieuwe materialen zoals keramiek, glas, steengoud, porselein en dergelijke. Op het einde van de 19 de eeuw bleef nog maar heel weinig over van het eens zo bloeiende ambacht.
 
Na de tweede wereldoorlog  was er wel een kleine opflakkering door de toenemende interesse in onze geschiedenis. Dit was echter een vrij kortstondige opleving want in de jaren negentig van vorige eeuw was dit ook al definitief voorbij. De meeste tinnen voorwerpen dat in de periode na de eerste wereldoorlog werden vervaardigd waren fantasiestukken of kopiën van authentieke antieke stukken die enkel en alleen met decoratieve bedoelingen op de markt werden gebracht.